Tijdens het redigeren van een artikel blijft de cursor van hoofdredacteur Lisette Douma hangen bij de frase ‘afstromen naar de havo’. Sinds ze zelf een kind heeft dat is ‘afgestroomd’ naar het sbo, is ze gevoeliger voor dit soort taal.
Tekst
Lisette Douma - Redactie Onderwijsblad
-
-
2 Minuten om te lezen
Wat zijn dan de juiste woorden, vraagt Lisette Douma zich af. Beeld: Typetank
Tijdens het redigeren van een artikel blijft mijn cursor hangen bij de frase ‘afstromen naar de havo’. Het gaat over een leerling bij wie het ‘mis’ ging. Afstromen is een veelgebruikte term die ik zelf ook wel heb gebruikt, toch verander ik het in dit artikel naar ‘overstappen’. Sinds ik zelf een kind heb dat is ‘afgestroomd’ naar het sbo, ben ik gevoeliger voor dit soort taal.
De term ‘probleemkind’ lijkt voor hem niet problematisch. Maar is dat zo?
Een tijdje geleden gaf mijn zoon een verjaardagsfeestje waarop wij een aantal van zijn nieuwe klasgenoten voor het eerst ontmoetten. Met een beweeglijke nieuwe vriend hebben wij het over de school waar onze zoon in zijn vrije tijd schaakles volgt. Het jochie ging eerder net als zijn zussen en broer naar deze school. ‘Maar ik was gewoon een probleemkind’, verklaart hij zijn overstap met een lach en hij rent weer weg. De term ‘probleemkind’ lijkt voor hem niet problematisch. Maar is dat zo?
Leraar Nick Brusket vertelt in het april-nummer van het Onderwijsblad over zijn eigen schooltijd: hij heeft adhd en zijn leraren noemden hem wel eens een ‘rotventje’. ‘Daar ging ik zelf op een gegeven moment in geloven.’ Het motiveerde Nick les te gaan geven in het speciaal onderwijs.
Versluierend taalgebruik is niet de oplossing
Een ander kan onderuit gehaald worden door taal, je kunt er - onbedoeld - mensen mee klein maken, pijn doen. Tegelijkertijd is versluierend taalgebruik niet de oplossing. In een vlucht vooruit verdiep ik mij al in potentiële vervolgscholen voor mijn zoon. En ik word moedeloos van de websites van gespecialiseerde scholen die het alleen maar hebben over kinderen ‘in hun kracht zetten’ en ‘op zoek gaan naar een passende onderwijsbenadering’ voor elk kind dat ‘uniek’ is. Zelfs ‘internaliserend’ en ‘externaliserend’ gedrag lijkt al niet meer benoemd te mogen worden. ‘Maar voor welke kinderen is jullie school dan geschikt’, tetter ik geïrriteerd naar mijn scherm.
Wat zijn dan de juiste woorden? Ik weet het ook niet. Erover nadenken, is altijd een goed begin. En voor een woord als afstromen zijn echt genoeg begrijpelijke synoniemen. Wat ik wel weet: mijn zoon noemt de vrienden van zijn vorige - reguliere - basisschool, zijn ‘normale’ vrienden. Dat taalgebruik wil ik hem afleren. Want als zijn oude vrienden normaal zijn, wat zijn zijn nieuwe vrienden dan?
Meer onderwijsblad lezen? Word AOb lid!
Als lid heb je toegang tot alle onderwijsbladen. Meer over alle voordelen vind je hier.