Van alle beroepsgroepen laat onderwijspersoneel zich het meest testen op corona. 63 procent is minimaal een keer door de officiële teststraat gegaan.
Van alle beroepsgroepen laat onderwijspersoneel zich het meest testen op corona. 63 procent is minimaal een keer door de officiële teststraat gegaan.

Beeld: Pixabay

Vooral personeel op basisscholen kreeg corona

Ongeveer zestigduizend bevestigde corona-besmettingen komen tot nu toe van onderwijspersoneel. Dit blijkt uit data van het RIVM. Basisschoolmedewerkers spannen de kroon. Bijna een kwart van de leraren en ondersteuners van jonge kinderen is sinds het begin van de pandemie besmet geraakt.

Elke week laat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) zien hoeveel onderwijs- en kinderopvangmedewerkers positief zijn getest op corona. Op verzoek van het Onderwijsblad splitste het RIVM deze data verder uit. Afgezet tegen het totaal aantal mensen werkzaam in de sector, liep 23 procent van het basisschoolpersoneel op enig moment afgelopen anderhalf jaar corona op.

Officieel besmet

Dat is fors meer dan de gemiddelde Nederlander tussen de 18 en 69 jaar. Van hen raakte 14 procent afgelopen anderhalf jaar officieel besmet. In het voortgezet onderwijs, vso en mbo – het RIVM pakt deze samen – is ongeveer 7 procent van de werknemers officieel besmet geraakt.

Noot van de redactie: Dit bericht is op 3 december aangepast. In een eerdere versie stond een rekenfout. Deze is gecorrigeerd, met als gevolg dat de percentages positief iets hoger uitvallen. De juiste berekening staat onderaan dit bericht. 

De categorie-indeling van het RIVM maakt het lastig conclusies te trekken over personeel in het voortgezet onderwijs, het speciaal onderwijs en het mbo. Het lijkt aannemelijk dat mbo-werknemers het aandeel naar beneden halen, omdat het mbo sinds de start van de pandemie langer en vaker gesloten was voor studenten en medewerkers dan het vo en het vso.

Over het hbo en de universiteiten, die met 6 procent nog minder in de officiële besmettingscijfers voorkomen, verklaart het RIVM: “Dit personeel heeft veel langer en meer thuisgewerkt. Dat kan leiden tot minder positieve tests. Vanwege minder contacten, of omdat ze zich niet laten testen bij milde klachten omdat ze toch thuis werken.”

‘Het onderwijs moet meer beschermd worden’

Discussie

Als aanvulling op de jongste maatregelen wil AOb-voorzitter Tamar van Gelder dat de focus weer op onderwijsactiviteiten komt te liggen, zoals tijdens de eerdere lockdowns. “Het onderwijs moet meer beschermd worden. Extra bezoekers in de school – zoals ouders – brengen extra besmettingsrisico’s met zich mee. Dus even geen gala’s en andere festiviteiten. Bovendien horen we regelmatig dat leerkrachten in discussie moeten met ouders die, tegen alle richtlijnen in, hun zwaar hoestende kind met klachten toch naar school brengen. Dat is echt te veel gevraagd in deze tijd.”

Ook zijn er nog steeds zorgen over de ventilatie, die op veel plekken niet op orde is. Van Gelder: “Onbegrijpelijk dat schoolbesturen met droge ogen blijven beweren dat het prioriteit is, terwijl het op zoveel plaatsen nog steeds niet is geregeld. Het wordt winter, we redden het niet met een open raampje en in sommige gevallen kan dat raam niet eens open. “

Overleden

Over ziekenhuisopnamen en overleden leraren of ondersteuners is minder bekend. Ziekenhuizen hoeven dit niet te melden aan het RIVM. Stichting NICE rapporteert dagelijks hoeveel patiënten met covid-19 in het ziekenhuis en op intensive care-afdelingen liggen, maar houdt niet bij in welke sectoren deze mensen eventueel werkzaam zijn.

Het ministerie van Onderwijs lijkt alleen de besmettingen onder al het onderwijspersoneel mee te wegen. In een Q&A over de huidige corona-maatregelen staat: ‘De besmettingscijfers onder onderwijspersoneel zijn gedurende de hele pandemie lager geweest dan het landelijk gemiddelde. De vaccinatiegraad is hoog onder docenten, ook steeds meer leerlingen in het voortgezet onderwijs laten zich vaccineren.’ Het gemiddelde van alle onderwijssectoren ligt inderdaad iets lager dan het landelijk gemiddelde, maar basisscholen steken er flink bovenuit.

63 procent van het onderwijspersoneel ging minimaal één keer door de teststraat

Trouwe testers

Het Centraal Bureau voor de Statistiek toonde in juni al aan dat onderwijsmedewerkers, van basisonderwijs tot en met universiteiten, trouwe testers zijn. Van alle beroepsgroepen laten zij zich het meest door de GGD’s testen. 63 procent is minimaal één keer door de teststraat gegaan in de periode augustus 2020 tot en met april 2021.

Of onderwijspersoneel het virus tijdens het werk oploopt is niet goed te achterhalen, aldus het RIVM: “Gemiddeld is van 30 procent van alle positief geteste personen uit het onderwijs de besmettingssetting bij ons bekend.”

Boosterprik

Tamar van Gelder van de AOb: “De gedachte aan een derde boosterprik komt nu wel steeds dichterbij. We willen zorgen dat onderwijs zo veel als mogelijk door kan gaan en er geen leerlingen de dupe worden. We hebben immers al te maken met een tekort aan leraren en de griep die rondwaart.”

Het volgende Onderwijsblad is verschenen op 30 november. Daarin staan interviews met leraren die long covid opliepen. Wil jij het Onderwijsblad elke maand in je brievenbus? Word lid!

Berekening

Werkzaam op basisscholen Werkzaam in voortgezet onderwijs, vso en mbo Werkzaam in hbo en wo Werkzaam in het onderwijs In de Nederlandse beroepsbevolking
Aantal positieve testen  38571 13252 6191  58014 1640427
Aantal personen 167834 178369 109457 455660 11520357
Aandeel positief  23%  7% 6% 13% 14%

 

Bronnen

  • RIVM, wekelijkse rapportage van 2 november 2021, hoofdstuk 13.10 – op verzoek van het Onderwijsblad uitgesplitst naar onderwijsmedewerkers.
  • DUO, VSNU en de VH, personeelsaantallen over het jaar 2020.
  • CBS Statline, beroepsbevolking tussen de 18 en 69 jaar in 2020.

Aannames en werkwijze

  • De werkelijke aantallen besmettingen zullen hoger liggen, omdat het grootschalig testen pas sinds juni 2020 gebeurt. Van veel positieve testers is onbekend in welke sector zij werkzaam zijn. Daarnaast laat niet iedereen zich testen en doorlopen mensen soms een infectie zonder dat ze dat in de gaten hebben.
  • In 2021 zullen de personeelsbestanden wat gegroeid zijn t.o.v. 2020, maar te weinig om van wezenlijke invloed te zijn op deze berekening.
  • Medewerkers aan speciaal onderwijsscholen voor kinderen t/m 12 jaar schrijft het RIVM toe aan de categorie ‘basisscholen’. Personeel uit het voortgezet speciaal onderwijs is bij het voortgezet onderwijs en mbo geschaard. Bij overheidsinstanties is niet bekend hoeveel mensen in het voortgezet speciaal onderwijs werken en hoeveel in het speciaal onderwijs (tot 12 jaar). Het totaal aantal van deze twee groepen in 2020 (27071 personen, bron: DUO) is in bovenstaande berekening gelijkmatig (50% / 50%) verdeeld over ‘basisscholen’ en ‘voortgezet onderwijs, vso en mbo’. Zelfs al wijkt de werkelijke verdeling behoorlijk af (bijv. 35% / 65%), dan blijven de gestelde conclusies overeind.
  • Sommige mensen krijgen twee keer corona. Het RIVM zegt hierover op zijn website: ‘Herbesmetting komt weinig voor bij SARS-CoV-2. Zo’n 1 tot 2% van de mensen met een positieve coronatest is eerder positief getest op het virus’. Dit heeft geen effect op de uitkomst van de berekening.

Check de meest gestelde vragen over corona en onderwijs in de FAQ

Meer nieuws