VO

Uitslag 'cao-examen' vo: minder lesuren en een goede loonsverhoging nodig

Een maximum aantal lesuren, beperking van het aantal startmomenten, minder uren in de jaartaak en een goede loonsverhoging. Dat zijn de belangrijkste punten die naar voren komen uit het ‘cao-examen’ van de AOb.

Tekst Redactie Onderwijsblad- Rob Voorwinden - - 5 Minuten om te lezen

schermafbeelding-2022-06-13-160126-crop

Beeld: screenshot livestream

De cao-onderhandelingen in het voortgezet onderwijs verlopen stroef, vandaar dat de AOb directies en bestuurders uitdaagde om een cao-examen in te vullen. Samen met hun docenten en ondersteuners, zodat de managers eens zouden horen wat er écht speelt op de werkvloer.

Op 120 scholen werd vorige week woensdag het cao-examen gemaakt en het gesprek gevoerd, tijdens een livestream van de AOb. Directies stonden niet te trappelen: op 17 van deze scholen namen directieleden deel aan het gesprek, daarnaast namen 8 leden van een directie of bestuur de moeite om het examen zelfstandig in te vullen. Op het merendeel van de scholen die deelnamen werd het examen ingevuld door alleen de docenten en ondersteuners.

Er wordt nogal verschillend gedacht over hoe de werkdruk kan worden verminderd. Maar over kleinere klassen zijn we het unaniem eens

Op de vraag hoe de werkdruk in het voortgezet onderwijs zou kunnen worden verminderd, kiest ruim driekwart van de invullers voor minder uren. Het grootste deel van deze groep vindt dat elke werknemer tenminste 120 uur per jaar vrije ruimte moet krijgen in de jaartaak, de rest houdt het bij 60 uur.

Ruim driekwart van de invullers vindt dat het maximum aantal lesuren dat een leraar per jaar mag geven, omlaag moet. In de komende cao naar 720 uur per jaar, daarna naar 680 uur per jaar in 2027.

Sfeer

Op scholen waar de directie de uitdaging had opgepakt en in gesprek was gegaan met personeel, verschilde de sfeer. Die varieerde van: ‘Ging goed, fijne gesprekken, we konden allemaal vrij zeggen wat we wilden’ tot ‘Snijdende sfeer, ontevreden docenten, wij willen geen managers die het grootste deel van het onderwijsgeld opslokken waardoor wij te lage salarissen krijgen’.

Samen staan we sterker! Sluit je aan bij de AOb.

Check alle voordelen van het lidmaatschap

“Op onze school was het goed om met elkaar in gesprek te gaan”, zegt Peter den Hartog, docent op het CSG Calvijn Rotterdam en AOb-bestuurder. “De directie kwam zelf met het idee om mensen vrij te roosteren voor het gesprek. Dat is super, natuurlijk.”

Eensgezind

Op de school van Den Hartog bleken de directie en het personeel grotendeels op één lijn te zitten over wat er moet gebeuren om de werkdruk te verminderen. “We waren zeer eensgezind”, zegt Den Hartog. “Al zijn er natuurlijk wel wat praktische punten. Als we minder lesuren draaien, waar halen we dan bijvoorbeeld de extra mensen vandaan?”

Uit de resultaten van het examen blijkt dat veel invullers het aantal momenten waarop een nieuwe les wordt gestart, het aantal ‘startmomenten’, graag willen beperken tot 24 of 20 per week. Dat vond Den Hartog een moeilijke. “Je kunt het aantal startmomenten beperken door blokuren in te voeren. Maar in vmbo basis/kader zijn de leerlingen na 40 minuten echt wel klaar met je les: dan is de concentratie op.”

Klassenverkleining

Uit de antwoorden blijkt dat veel invullers één onderwerp missen in het examen: een vraag over klassenverkleining. ‘De allerbeste manier om de werkdruk te verlagen staat er helaas niet bij: klassenverkleining’, is één van de reacties. Een ander schrijft: ‘Tijdens de discussie blijkt er nogal verschillend te worden gedacht over hoe werkdruk kan worden verminderd. Eén punt kwam echter heel duidelijk naar voren: kleinere klassen. Hier waren we het unaniem over eens.’

Dat vindt ook Ben Zwartjes, AOb-bestuurder en docent aan het Dendron College Horst. “Dankzij de NPO-gelden hebben we nu tijdelijk kleinere klassen, en dat merk je echt meteen in de werkdruk.”

Loonsverhoging

Verder blijkt uit het examen dat de loonsverhoging van leraren en ondersteuners ten minste gelijk zou moeten zijn aan de inflatie, of minstens 4 procent zou moeten bedragen. En in de nieuwe cao zou moeten worden vastgelegd dat besturen sneller een vast dienstverband aanbieden aan werknemers.

Een van de hete hangijzers in de onderhandeling is de manier waarop de 300 miljoen euro aan werkdrukverlichting moet worden ingezet. Dat geld, dat beschikbaar is vanuit het Onderwijsakkoord, kan bijvoorbeeld worden gebruikt om 60 uur minder taakuren te realiseren. Te beginnen met een maximum van 24 lessen per week.

Verdwijnt

De schoolbestuurders willen de besteding van dit geld aan de teams overlaten, maar daar is AOb-bestuurder Jelmer Evers geen voorstander van. “Onze leden willen dat er harde cao-afspraken worden gemaakt over hoe dit bedrag ten goede komt aan individuele leraren en ondersteuners. Anders lopen we het risico dat het geld verdwijnt in de lumpsum, en niemand er iets van terugziet in de vorm van verlaging van de werkdruk.”

Alleen een staking zal er voor zorgen dat de werkgevers over de brug gaan komen

Morgen, dinsdag 14 juni, wordt er opnieuw met de werkgevers onderhandeld. Als de werkgevers de AOb niet tegemoet komen, wordt het een lastig verhaal, zegt Evers. “Er moet een cao worden afgesloten vóór half juli, anders lopen we de 300 miljoen euro uit het Onderwijsakkoord mis. Maar ik ga ook mijn handtekening niet zetten onder een akkoord waar de leden niet achter staan. Ik sluit verdere acties zeker niet uit.”

Als de werkgevers de AOb niet tegemoet komen, wordt het een lastig verhaal

Staking

Sommige docenten lopen al warm voor een staking, zo blijkt uit de examenuitslag. ‘Wij als docenten hebben veel te veel oog voor de leerlingen en willen daardoor niet staken. Alleen een staking zal er voor zorgen dat de werkgevers over de brug gaan komen. Hopelijk zijn er voldoende leden bereid om de barricaden op te gaan.’

Docent Zwartjes is er klaar voor: “Ik heb na de discussie op school nog even het college van bestuur gemaild met de boodschap: ik zit in het onderwijs om les te geven, niet om te staken. Maar als dat cao-voorstel niet beter wordt, dan doe ik het.”

Samen staan we sterk. Sluit je aan bij de AOb!