Eindexamenstress treft ook docenten
Leerlingen zitten vanaf 8 mei weer te zweten boven hun eindexamens. Voor sommige docenten begint de stress al maanden daarvoor. “Na de kerstvakantie moet iedereen met z’n tengels van mijn lessen afblijven.”
Tekst Judith Katz - Redactie Onderwijsblad - - 8 Minuten om te lezen
Beeld: Fred van Diem
Soms lijkt de aanleiding voor de stress die docenten ervaren tijdens eindexamens wat vergezocht. “Ik was zelf altijd panisch als ik de examens van mijn leerlingen mee naar huis nam”, zegt AOb-hoofdbestuurder Kim van Strien. “Wat als er iets mee gebeurt? Toch maar niet even stoppen voor boodschappen, want straks jat iemand ze uit mijn auto.”
In 2012 ondervroeg uitgeverij Malmberg 400 docenten van eindexamenklassen; 85 procent gaf aan stress te ervaren tijdens de eindexamenperiode. Het onderzoek is wat gedateerd, maar uit een kleine rondgang langs leraren blijkt dat de uitkomsten overeind blijven.
Geen sociaal leven
Meestal heeft de stress een concrete oorzaak, zoals werkdruk. En soms begint die spanning bij leraren eerder dan bij hun leerlingen. Economiedocent Rosé Harkes van Coenecoop College in Boskoop heeft al stress bij de verdeling van de eindexamenklassen. Hoe meer klassen, hoe meer stof er nog moet worden herhaald en hoe meer nakijkwerk. “Als ik drie eindexamenklassen heb, weet ik eigenlijk al: dan heb ik in mei en juni geen sociaal leven meer. Ik plan dan gewoon geen afspraken, omdat ik weet hoeveel nakijkwerk eraan komt.” (Tekst gaat verder na de foto)
Economiedocent Rosé Harkes van Coenecoop College heeft haar eigen manieren om met spanning om te gaan. “Dan ga ik in mijn houtgestookte hottub liggen en gewoon even floaten.” Beeld: Fred van Diem
Harkes staat al meer dan dertig jaar voor de klas en heeft het eindexamencircus in allerlei varianten meegemaakt. Toen de mavo-afdeling een paar jaar geleden groter was, had ze drie eindexamenklassen economie. “Dat was echt pittig. Dan ben je wekenlang alleen maar aan het nakijken.” Dat hoort ook bij het vak economie: leerlingen geven uitgebreide antwoorden en vaak zijn meerdere antwoorden correct. Vroeger, zegt ze, was het eindexamen economie meerkeuze. “Makkelijk nakijken, maar geen goede toetsmethode voor dit vak wat mij betreft.” Gelukkig zit economie dit jaar vooraan in het rooster, dat scheelt nog iets.
Met drie eindexamenklassen heb ik in mei en juni geen sociaal leven
Uit een onderzoek van CAOP in opdracht van Het College voor Toetsen en Examens naar de correctielast van centrale examens in 2023 blijkt dat economie op de mavo al een ‘correctie-intensief’ vak is, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Engels en Duits. De grootste nakijklast ligt bij Nederlands. Op alle schooltypen, van mavo tot vwo, geldt het vak als ‘zeer correctie-intensief’, óók doordat iedere leerling het examen maakt en omdat antwoorden vaak uit open vragen bestaan.
Docent Lisette Constandse van het Pieter Groen College in Katwijk geeft Nederlands en corrigeert dit jaar 127 examens van haar havoleerlingen. “Je krijgt klassen van bijna dertig leerlingen terug, allemaal met open vragen die ook nagekeken moeten worden op spelling en grammatica. Dat zijn flinke stapels.” Soms maakt ze er een grap over. “Ik heb weleens tegen mijn leidinggevende gezegd: geef mij maar een ander vak. Dan ben ik minder tijd kwijt aan nakijken en krijg ik hetzelfde salaris.” Ze heeft gelijk: iedere docent krijgt in principe evenveel nakijktijd, ongeacht de correctielast of het aantal leerlingen. “Eigenlijk zou daar bij de verdeling van je taakuren rekening mee moeten worden gehouden.”
De nakijkperiode ziet er voor veel docenten hetzelfde uit: stapels examens op tafel en een laptop met het digitale nakijksysteem WOLF open. Voor elke leerling moeten alle antwoorden en toegekende punten afzonderlijk worden ingevoerd. “Voor één leerling moet je alle scores invoeren,” zegt Harkes. “Dat kost gewoon tijd.”
Procenten berekenen
En dan is er nog de tweede corrector. “Als je een goede tweede corrector hebt, scheelt dat enorm,” vindt Harkes. “Maar als iemand het correctiemodel alleen maar letterlijk volgt, of de stof minder goed beheerst, kun je uren discussiëren over een paar punten. Ik heb weleens meegemaakt dat een andere docent maar niet begreep dat er meerdere manieren zijn om procenten te berekenen. Dat zijn echt geen leuke discussies.”
Een goede tweede corrector scheelt enorm
Bij vakken met veel open vragen kan zo’n tweede correctie nog ingewikkelder worden. Docent Nederlands Constandse ziet regelmatig dat antwoorden verschillend worden geïnterpreteerd. Om dan eindeloze telefoongesprekken te voorkomen, stuurt Constandse haar tweede corrector vooraf een overzicht in een Word-tabel. Daarin zet ze per leerling welke punten er eventueel bij of af gaan en waarom. “Als je dan belt, heeft de ander al gezien hoe je tot een score komt. Dan gaat zo’n gesprek vaak een stuk sneller.” (Tekst gaat verder na de foto)
Het Pieter Groen College van docent Nederlands Lisette Constandse zet tijdens examens oud-docentenHet Pieter Groen College van docent Nederlands Lisette Constandse zet tijdens examens oud-docenten in als surveillant. “Pensionado’s komen graag helpen.” in als surveillant. “Pensionado’s komen graag helpen.” Beeld: Fred van Diem
Bij staatsexamens (examens die buiten het reguliere onderwijs worden afgenomen) ervaart Constandse de tweede correctie vaak als minder beladen. “Dan krijg je examens van leerlingen die je niet kent,” zegt ze. “Je kijkt samen met een collega-corrector naar een antwoord en vraagt: vinden we dit goed of niet? Bij je eigen leerlingen speelt soms toch mee dat dat ene punt het verschil kan maken tussen slagen en zakken en dat speelt net zo goed bij de andere corrector.”
Ontzien
Volgens economiedocent Harkes zit de werkdruk niet alleen in het nakijken zelf. Ook de organisatie van de laatste schoolweken kan het docenten lastig maken. In de weken voor de examens vallen nog geregeld lessen uit door excursies, activiteiten of andere programma’s. “Hartstikke leuk hoor, zo’n bezoek aan ProDemos”, zegt ze. “Maar waarom doen we dat niet gewoon in september? Na de kerstvakantie moet iedereen met z’n tengels van mijn lessen afblijven.”
Wat haar betreft zouden scholen examendocenten in die periode meer moeten ontzien. Bijvoorbeeld door hen minder surveillancediensten te laten draaien tijdens de examens. “Laat ons die tijd gebruiken om na te kijken. Daar heeft iedereen uiteindelijk meer aan.”
Pensionado's
Dat het kan, bewijst het Pieter Groen College. Daar worden tijdens de examens oud-docenten ingezet als surveillant. “Pensionado’s van onze school komen graag helpen,” zegt Constandse. “Voor hen is het leuk om nog eens terug te zijn, en voor ons scheelt het dat we niet urenlang hoeven te surveilleren naast het nakijken. Als blijk van waardering mogen ze op het eindfeest komen. Heel leuk voor hen, want dan zien ze al hun oud-collega’s weer.”
Ook bij examentrainingen ziet Harkes ruimte voor verbetering. Op sommige scholen worden daarvoor studenten ingezet, maar ze vindt dat niet altijd logisch. “Laat de docent dat zelf doen. Wij weten precies waar leerlingen nog moeite mee hebben.”
Als de spanning oploopt, heeft Harkes zo haar eigen manieren om ermee om te gaan. “Dan ga ik in mijn houtgestookte hottub liggen en gewoon even floaten”, zegt ze met een lach. “Of ik ga ’s avonds de polder in om te wandelen. In het donker heb je minder prikkels.”
Voldoende nakijktijd
Niet iedere docent ervaart dezelfde druk. Voor Tineke Lindeman, docent Engels aan het Parcival College in Groningen, valt de stress juist mee. “Voor Engels staat er eigenlijk gewoon voldoende nakijktijd,” zegt ze. “Ik heb er nooit echt stress van gehad.” En dat heeft dus ook met het vak te maken: dat bestaat grotendeels uit meerkeuzevragen. “Ongeveer 80 procent is meerkeuze,” zegt Lindeman. “Dat maakt het nakijken overzichtelijk.” Ze werkt bovendien snel met het digitale nakijksysteem WOLF. “Ik tik de antwoorden er zo in. En doordat je alles invoert, kom je fouten in je eigen telling ook snel tegen.”
Voor Engels staat gewoon voldoende nakijktijd
Discussies met de tweede corrector komen wel voor, maar blijven meestal beperkt. “Soms vind ik dat een antwoord wel binnen de strekking van het correctiemodel valt en een collega niet,” zegt Lindeman. “Dan overleg je even. Uiteindelijk kom je er altijd wel uit.” (Tekst gaat verder na de foto)
Tineke Lindeman, docent Engels aan het Parcival College in Groningen valt de eindexamenstress mee. “Ongeveer 80 procent is meerkeuze. Dat maakt het nakijken overzichtelijk.” Beeld: Corné Sparidaens
Tijdens de examenperiode verandert de school zichtbaar. In de gymzaal staan rijen tafels, met steeds precies genoeg afstand ertussen. Leerlingen zitten zwijgend over hun opgaven gebogen, terwijl surveillanten tussen de tafels door lopen. Leerlingen die recht hebben op extra ondersteuning, bijvoorbeeld omdat hun examen wordt voorgelezen, maken het examen in een kleiner lokaal. “Dan liggen hun examens weer in een ander bakje,” zegt Lindeman. “Dat is gewoon een kwestie van goed opletten. Soms kom ik er dan vrijdagmiddag thuis achter dat ik die eindexamens heb laten liggen en kan ik ze pas maandag ophalen.”
Ook zij herkent dat activiteiten niet altijd gunstig gepland worden, zoals een reis naar Engeland waarvan ze medeorganisator is. “Dan mis ik een paar dagen nakijktijd,” zegt ze. “Dus moet ik daarna wel alles aan de kant zetten om de examens af te ronden.” Zelf begint Lindeman pas relatief laat met examentraining. “Eind maart, zo’n drie weken voor het examen. Als je te vroeg begint, worden leerlingen examenmoe.” Maar hoe routineus het werk na al die jaren ook is geworden, het blijft spannend voor de leerlingen. “Soms weet je dat iemand een bepaald cijfer nodig heeft om te slagen,” zegt ze. “Dan hoop je echt dat het lukt.”
En dan moeten de examens nog beginnen.