Beeld: Pixabay

Scholen voortgezet speciaal onderwijs luiden de noodklok

Leerlingen met gedragsproblemen of een psychiatrische stoornis in het voortgezet speciaal onderwijs lijden onder het nijpende lerarentekort. Het is zó moeilijk om gekwalificeerde vakdocenten te vinden voor delen van het vso, dat het diplomagerichte onderwijs op losse schroeven staat.

Daarvoor waarschuwt Martijn van Kordelaar, directeur bij Horizon Jeugdzorg & Onderwijs in Rotterdam, verantwoordelijk voor zeven vso-scholen met 600 leerlingen en 250 medewerkers. Ook zij horen officieel bij het primair onderwijs en vallen onder dezelfde cao als leerkrachten op basisscholen.

-> Lees ook: Salarisverschil zet voortgezet speciaal onderwijs klem

“Het ergste is dat kwetsbare kinderen de dupe worden. Als het zo doorgaat, kunnen leerlingen hier alleen nog maar pottenbakken in plaats van een diploma halen. Welk perspectief bied je deze jongeren straks dan nog? De prijs betalen we als samenleving later dubbel en dwars terug. Eigenlijk zouden we de scholen niet een dag, maar een paar weken moeten dichtgooien.”

Schaarste

De vso-scholen bieden leerlingen in cluster 4 de mogelijkheid om een regulier vo-diploma te halen, en daarvoor hebben ze vakdocenten nodig. Maar het vso valt nog altijd onder de sector primair onderwijs, een erfenis uit het verleden. Leraren moeten daardoor tot 180 lesuren per jaar meer verzorgen dan hun collega’s in het reguliere voortgezet onderwijs, terwijl ze honderden euro’s per maand minder verdienen. In tijden van lerarenschaarste, zeker bij tekortvakken als wiskunde, natuurlijk of biologie, kunnen vakdocenten zo aan de slag op een reguliere vo-school, voor veel aantrekkelijker arbeidsvoorwaarden.

Die scheve ‘marktpositie’ blijft voor problemen zorgen zolang het vso niet wordt ondergebracht bij de sector voortgezet onderwijs, aldus Van Kordelaar. En dat merken de vso-instellingen, met name in cluster 4 die leerlingen begeleiden met een zogenoemde externaliserende problematiek: jongeren die moeilijk handelbaar kunnen zijn. “Het is een zware doelgroep, die veel van een docent vraagt. Je moet niet alleen je vakkennis kunnen overbrengen, maar ook een heel goede pedagoog zijn.”

“Het is een zware doelgroep, die veel van een docent vraagt. Je moet niet alleen je vakkennis kunnen overbrengen, maar ook een heel goede pedagoog zijn.”

Om leerlingen niet naar huis te hoeven sturen, zien scholen zich steeds meer gedwongen tot tijdelijke ‘oplossingen’ die ze zelf ook onwenselijk vinden. Zoals groepen samenvoegen, met als gevolg dat de werkdruk toeneemt en het ziekteverzuim stijgt. “Op één afdeling hebben we een klas eens tweeënhalve maand moeten onderverdelen over andere groepen. Dat voert de druk onevenredig op op de andere docenten.”

Iets waar geen enkele school graag voor uitkomt, maar waar veel (vso-) scholen wel degelijk mee te maken hebben, is dat lessen bij gebrek aan een docent worden gegeven door onbevoegde medewerkers, zoals afgestudeerde sph’ers of lio-stagiares. Hoe vaak dat bij zijn instelling voorkomt, beweert Van Kordelaar niet te weten. Maar hij erkent – en betreurt – dat het in de praktijk onvermijdelijk is.

Detacheringsbureaus

Kwalijk vindt Van Kordelaar de rol van detacheringsbureaus, die in zijn ogen een slaatje proberen te slaan uit het lerarentekort. “Ze lokken leraren weg om ze vervolgens bij een andere vso-vestiging weer aan te bieden, voor tarieven die ver boven de cao liggen. Leraren die net van de opleiding komen en die in schaal LC trede 6 of 7 bezoldigd worden. We tellen 5600 euro neer per maand voor een vakdocent.” Dat zorgt voor scheve ogen binnen een team en bovendien is de bekostiging daar helemaal niet op voorzien.

Omdat de tekorten zo nijpend zijn, kan ook Van Kordelaar niet om zulke bureaus heen. Tot zijn spijt en frustratie. “Een deel van het onderwijsgeld belandt nu bij commerciële bedrijven. Ik zou willen dat we als schoolbesturen gezamenlijk zouden afspreken om die bureaus niet meer in te huren. Maar dat werkt alleen als we ons er allemaal aan houden.”

Meer nieuws