Beeld: Livestream Tweede Kamer

Politieke steun voor ‘late reparatie’ passend onderwijs

Onderwijsminister Arie Slob kreeg vanmiddag brede steun in de Tweede Kamer voor zijn verbeterprogramma om zes jaar na de invoering de problemen rond passend onderwijs aan te pakken. Een van die maatregelen is een nog uit te werken landelijke norm voor basisondersteuning. Vanuit de oppositiebankjes klonk wel een getergde vraag: Waarom nu pas?

Een wettelijk recht voor leerlingen om mee te praten over extra ondersteuning, steunpunten voor leerlingen en ouders, extra aandacht voor de zorgplicht, meer ruimte voor passend onderwijs bij de opleidingen en een landelijke basiszorg: het zijn een paar van de punten die Slob twee weken terug naar voren bracht in een brief aan de Tweede Kamer.

Daarmee reageerde de minister op de kritiek die de afgelopen jaren steeds luider klonk bij onderwijspersoneel, ouders, leerlingen en politieke partijen. Veel maatregelen moeten nog verder uitgewerkt worden, maar konden vanmiddag in elk geval op steun rekenen in de Tweede Kamer. “Waardering voor de aanpak van de minister”, reageerde CDA-Kamerlid Michel Rog.

Weggestemd

Ook oppositiepartijen kunnen zich vinden in de aangedragen verbeteringen. Sterker, ze herkenden er verschillende moties en voorstellen in die ze zelf de afgelopen jaren hebben ingediend en die destijds werden weggestemd door de coalitiepartijen. Die hadden namelijk afgesproken met ingrijpende maatregelen te wachten tot het langlopende evaluatietraject van de eerste vijf jaar passend onderwijs was afgerond. Een kwestie van goed bestuur, betoogde D66-Kamerlid Paul van Meenen.

“We hebben in deze commissie de afgelopen jaren aan de hand van verschillende rapporten gezien dat het niet de goede kant op ging met passend onderwijs”

“Als je kijkt naar alle punten waarop passend onderwijs nu niet op orde is en je ziet in welke mate de voorstellen van de minister overeenkomen met wat de Kamer hier al jaren zegt, dan is dat toch een domme afspraak geweest die ten koste gaat van het onderwijs?”, reageerde SP-Kamerlid Peter Kwint. “We hebben in deze commissie de afgelopen jaren aan de hand van verschillende rapporten gezien dat het niet de goede kant op ging met passend onderwijs. En als je dat met elkaar benoemt in debatten, dan vind ik het ook getuigen van goed bestuur om te zeggen: we gaan eerder ingrijpen”, aldus GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld.

Van Meenen reageerde dat er tussentijds wel wat stappen zijn gezet. “Er is een heel nieuw stelsel ingericht en dan is het ook verstandig om dat in één keer te bekijken en niet hier een pleister, daar een touwtje en wat plakband. Dan moet je het goed bekijken. En laten we wel zijn: deze minister neemt nu wel een fors aantal stappen.”

Verspilde tijd

Ook de landelijke norm voor basisondersteuning, iets waar de AOb al jaren op hamert, moet nog concreet uitgewerkt worden. Tot frustratie van SP’er Kwint. “Er is anderhalf jaar geleden een voorstel van mij aangenomen om een landelijke basisnorm uit te werken. Nu ligt er nog steeds niks. Het was toch logisch geweest als hier een breed gedragen voorstel had gelegen voor die basisondersteuning waar het onderwijs en ouderorganisaties zich de afgelopen anderhalf jaar over hadden kunnen buigen, zodat we die verbetering meteen hadden kunnen invoeren in plaats van 2021 of 2022? Dat is toch verspilde tijd geweest?”

“Het was mooi geweest als we het nu kant en klaar hadden kunnen implementeren, daar ben ik het helemaal mee eens”

“We hebben wel een jaar achter de rug waarin het een en ander gebeurd is”, reageerde Rog, verwijzend naar de coronacrisis. “Het was mooi geweest als we het nu kant en klaar hadden kunnen implementeren, daar ben ik het helemaal mee eens. Dat is niet gebeurd. Ik ben blij dat we er nu mee van start gaan.” Volgende zomer moet er een uitgewerkte basiszorg klaar liggen, verklaarde minister Slob, die benadrukte dat het om een ondergrens voor ondersteuning gaat. “Het is niet de bedoeling dat scholen die daar nu al boven zitten daar vervolgens weer een paar onsjes vanaf gaan doen.”

Zijn partijgenoot, ChristenUnie-Kamerlid Eppo Bruins, vond het belangrijk om de verwachtingen te relativeren. Die waren bij de invoering van passend onderwijs zes jaar geleden onrealistisch hoog geweest en daar moeten alle partijen lering uit trekken. “Ik denk dat het eerlijk is om te zeggen dat de politiek destijds de eigen teleurstelling heeft georganiseerd.”

Over ingediende moties wordt dinsdag 24 november gestemd. Lees meer over de brief die de AOb voor het debat naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Meer nieuws

Knokken voor een fatsoenlijk salaris

Onderwijsassistenten noemen hun salaris ‘een schijntje’. Ze vinden het verschil met ander onderwijspersoneel te groot. In de kinderopvang kunnen ze met hun opleiding ook aan... LEES VERDER