Wordt het pensioen nou meer of minder? Waarschijnlijk iets meer
Ik ga volgend jaar met pensioen en heb steeds rekening gehouden met een bepaald maandelijks pensioeninkomen. Wordt dat met het nieuwe systeem nou meer of minder? En in hoeverre kan ik daarvan op aan.
Tekst
Lizanne Schipper - redactie Onderwijsblad
-
-
4 Minuten om te lezen
Beeld: Typetank
Het ziet ernaar uit dat het wat meer wordt. Doel is om met het pensioenvermogen minimaal de jaarlijkse inflatie bij te houden. In het huidige pensioensysteem is dit ook al de ambitie. Alleen mag op dit moment de jaarlijkse stijging van het pensioen niet hoger zijn dan de inflatie. Met de nieuwe systematiek kan dat wél, als de beleggingsresultaten en renteontwikkeling ten minste gunstig zijn. Vallen die tegen, dan worden de pensioenen niet verhoogd. Voor verlaging hoef je niet direct te vrezen, aldus AOb-beleidsmedewerker Roelf van der Ploeg. “Bij tegenvallers wordt de uitkering aangevuld vanuit de solidariteitsreserve.”
Bij tegenvallers wordt de uitkering aangevuld vanuit de solidariteitsreserve
Wat verder voordelig kan uitpakken is dat een deel van jouw pensioenvermogen in aandelen belegd blijft, ook als je al met pensioen bent. Aandelen renderen gemiddeld genomen beter dan bijvoorbeeld obligaties, dus dat is doorgaans gunstig voor de waardeontwikkeling. Terwijl bij jonge deelnemers 100 procent van de premie naar risicovolle beleggingen gaat, is dat voor gepensioneerden 40 procent. Ook de rente speelt een belangrijke rol bij de hoogte van het pensioen: een lage rente is ongunstig. Dit risico wordt afgebouwd bij deelnemers vanaf 45 jaar. Bij gepensioneerden is 80 procent van dit renterisico afgedekt.
Meevaller in 2027
Een meevaller is er naar alle waarschijnlijkheid in 2027. Als de dekkingsgraad bij de overstap naar de nieuwe systematiek hoog genoeg is, krijgen alle deelnemers van het pensioenfonds ABP een invaarbonus bijgeschreven bij hun pensioenvermogen. Pensioenfondsen die begin dit jaar al overgingen en die er vergelijkbaar voor staan als het ABP, konden de pensioenen zo’n 8 tot 10 procent verhogen. Op dit moment heeft het ABP een dekkingsgraad van ongeveer 123 procent. Alles boven de 109 procent gaat naar de deelnemers (zie voor de precieze verdeling de vorige aflevering van de rubriek ‘Pensioenzaken’). Dit is volgens Van der Ploeg van de AOb mogelijk doordat het ABP minder hoge buffers hoeft aan te houden dan in het huidige systeem.
Na het eerste jaar kan de stijging van het pensioen juist een beetje tegenvallen
Maar let op: na dit eerste jaar kan de stijging van het pensioen voor gepensioneerden juist een beetje gaan tegenvallen, ook al zijn de beleggingsresultaten goed. Van der Ploeg: “Dat komt doordat is gekozen voor spreiding van het behaalde rendement over tweeënhalf jaar. Daardoor worden toppen en dalen wat afgevlakt.”
Hoe werkt dat? Het is een wat complexe rekensom. Een voorbeeld: stel dat in het eerste jaar een beleggingsrendement wordt behaald van 4 procent, dan krijgt de gepensioneerde 1,6 procent meer pensioen. Met de rest bouwt het ABP een buffer op. Stijgt de waarde van de beleggingsportefeuille het jaar daarop nou opnieuw met 4 procent, dan krijgt de gepensioneerde weer 1,6 procent plus 40 procent uit de buffer, dus in totaal 3,2 procent. Die rekensom wordt elk jaar gemaakt. “Als de beurs daalt, krijg je dus juist een deel van de eerdere winst erbij”, aldus Van der Ploeg. “Zo voorkomen we uitschieters in het pensioen.”
Pot van € 25 miljard
En dan is er ook nog de solidariteitsreserve, die daarnet al werd genoemd. Daaruit worden de maandelijkse pensioenen aangevuld als gepensioneerden er door een slechte beurs op achteruit dreigen te gaan. Met die pot van ongeveer 25 miljard euro wordt nóg een risico gedekt, namelijk als de levensverwachting in Nederland harder stijgt dan verwacht. Van der Ploeg: “In die situatie moet het vermogen over meer pensioenjaren worden verdeeld. De solidariteitsreserve vult dat aan.”
Zo beperkt het ABP fluctuaties in het pensioen
Vanaf ongeveer 40 jaar ga je in de nieuwe pensioenregeling geleidelijk minder in aandelen beleggen en vanaf 45 jaar wordt het renterisico afgebouwd.
Beleggingswinsten en -verliezen worden tijdens het pensioen gespreid over meerdere jaren.
De solidariteitsreserve compenseert gepensioneerden voor eventuele tegenvallers.
Vertrouwen we het pensioenstelsel?
Nederlanders geven het (huidige) pensioenstelsel een gemiddeld rapportcijfer van 6,2.
Ongeveer 30 procent van de mensen heeft veel vertrouwen dat het pensioen goed is geregeld. Positief zijn vooral gepensioneerden en ‘hoog financieel geletterden’.
Een groep van 10 procent heeft er weinig tot geen vertrouwen in.
Hoe bekend is de pensioentransitie?
67 procent van de ondervraagde Nederlanders weet dat het pensioensysteem verandert.
Naarmate de leeftijd stijgt, weet men er meer vanaf: van de groep tot 55 jaar weet iets meer dan de helft dat er iets gaat veranderen, van de groep tot pensionering is 81 procent op de hoogte, en onder gepensioneerden is dat 88 procent.
Bron: Publieksmonitor pensioenen, december 2025, Rijksoverheid
Meer onderwijsblad lezen? Word AOb lid!
Als lid heb je toegang tot alle onderwijsbladen. Meer over alle voordelen vind je hier.