Tips voor als je langdurig uitvalt
Toen verzuimdeskundige Amber Hackmann zelf langdurig ziek werd, ondervond ze aan den lijve hoe ingewikkeld zo’n periode is. Ze schreef het naslagwerk Volgende week ben ik er weer! omdat goede informatie een wereld van verschil kan maken. Hieruit volgen tips met haar toelichting.
Tekst Daniëlla van 't Erve - Redactie Onderwijsblad - - 8 Minuten om te lezen
Verzuimdeskundige Amber Hackmann: “Weten wat erop je afkomt en welke handvatten er zijn, kan een wereld van verschil maken, net als weten dat je niet de enige bent.” Beeld: Fred van Diem
1. Neem en hou de regie
Bedenk bijvoorbeeld al voordat je je ziek meldt wat je tegen je leidinggevende gaat zeggen. Je hoeft niets te vertellen over wat er precies aan de hand is en hoe dit komt als je dat niet wilt. Een leidinggevende mag bijvoorbeeld wel vragen hoe het met je gaat, hoe je bereikbaar bent en hoe lang je denkt dat je verzuim gaat duren. Door je voor te bereiden, voorkom je dat je overvallen wordt. “Vaak voelt het normaal om te vertellen wat er precies speelt, maar als je daarover twijfels hebt, is het goed om te weten dat je daarin een keuze hebt.”
2. Maak duidelijke afspraken
Bijvoorbeeld over hoe en hoe vaak je contact hebt met je leidinggevende, de communicatie met je team of over wat er van je verwacht wordt: mag je je kinderen naar school brengen, wandelen of sporten? Sla er ook het verzuimprotocol van de school eens op na. Basisregel is: je mag alles doen wat je herstel bevordert en re-integratie niet in de weg staat. “Sommigen durven niet eens naar de supermarkt uit angst een collega tegen te komen. Het helpt enorm als je bespreekt wat wel of niet kan en dat de leidinggevende hierover helder communiceert naar je collega’s zodat er begrip ontstaat.”
Niemand wil ziek zijn, en als het je overkomt, dan verwacht je vaak niet dat het heel lang gaat duren
3. Hou alles bij in een (digitale) map
Als je langdurig ziek bent, krijg je met veel verschillende mensen te maken. Om het overzicht te bewaren, is het handig om vanaf het begin alle documenten bij elkaar in een map te verzamelen. Denk aan de verslagen van de bedrijfsarts, de afspraken met je leidinggevende, maar ook je aantekeningen over je re-integratie. “Niemand wil ziek zijn, en als het je overkomt, dan verwacht je vaak niet dat het heel lang gaat duren. Dus deze tip lijkt voorbarig, maar als je onverhoopt na twee jaar toch een wia-uitkering moet gaan aanvragen, dan heb je wel alles al compleet.”
4. Vraag hulp
Bedenk concreet wat en wie jou kan helpen en maak een plan met je omgeving. Als dit ingewikkeld is, kan bijvoorbeeld stichting Sterker Samen hierbij helpen. Daarnaast is de zorgverzekeraar verplicht te bemiddelen zodat je op tijd de zorg krijgt die je nodig hebt. Of je kan misschien een beroep doen op de ‘hardheidsclausule’: hierdoor kunnen zorgkosten van alternatieve, niet gecontracteerden toch vergoed worden als andere zorg niet voorhanden is. “En denk ook aan je leidinggevende of hr: zij zijn er ook om je te helpen.”
5. Wees proactief
Hoe moeilijk ook, probeer zelf de regie te houden. Laat bijvoorbeeld zelf weten hoe het met je gaat en wat je nodig hebt en neem het niet persoonlijk als je leidinggevende of collega’s minder betrokken lijken. “Dat kan heel confronterend zijn. Terwijl jouw leven zo goed als stil lijkt te staan, gaat dat voor je collega’s gewoon door. En hoe hard het ook klinkt: voor de leidinggevende is het contact met zieke werknemers gewoon onderdeel van zijn werk.”
{artikel loopt door onder illustratie en kader}
Wet verbetering Poortwachter
De Wet verbetering Poortwachter bevat alle regels rondom re-integratie en heeft als doel langdurig ziekteverzuim te verminderen. Hier zijn de stappen uitgewerkt in een tijdlijn:
- De werkgever moet binnen één week je ziekmelding doorgeven aan de arbodienst.
- Uiterlijk binnen zes weken heb je een gesprek met de bedrijfsarts, die een probleemanalyse opstelt, met een advies en prognose voor je terugkeer. Iedere zes weken heb je een gesprek over hoe het gaat.
- Binnen acht weken na ziekmelding leg je samen met je werkgever afspraken over je re-integratie vast in een plan van aanpak. Iedere zes weken bespreek je de voortgang.
- In week 42 moet de werkgever doorgeven aan het UWV dat je langdurig ziek bent.
- Tussen week 46 en week 52 volgt een eerstejaarsevaluatie met de werkgever en de bedrijfsarts stelt een inzetbaarheidsprofiel op. Als onduidelijk is of je binnen drie maanden je werk helemaal kunt doen, volgt een arbeidsdeskundig onderzoek.
- Vanaf week 53: de begeleiding van werkgever en bedrijfsarts blijven ongewijzigd. Vanaf nu start ook een spoor 2-traject. Spoor 1: onderzoek van werk binnen eigen organisatie. Spoor 2: onderzoek van werk buiten jouw organisatie, vaak begeleid door een extern bureau.
- In week 88 (na anderhalf jaar ziek) krijg je van het UWV een uitnodiging om een wia-uitkering aan te vragen. Hier ben je zelf verantwoordelijk voor.
- Week 91: met werkgever hou je een eindevaluatie over hoe de re-integratie is verlopen.
- Uiterlijk week 93: insturen wia-aanvraag.
- Uiterlijk week 104: dossiercheck: UWV controleert of aan alle eisen is voldaan en of een wia-uitkering wordt toegekend.
6. Wees eerlijk tegen de bedrijfsarts
De bedrijfsarts heeft een onafhankelijke rol, en alles wat hij noteert in je medisch dossier is vertrouwelijk en alleen door jou in te zien. Alle deskundigen waar je mee te maken krijgt, van verzuimconsulent tot arboarts, werken onder de vlag en eindverantwoordelijkheid van de bedrijfsarts. Hij is dus de enige die bepaalt of, wanneer en hoeveel je weer kunt werken. “Eerlijk zijn over hoe het met je gaat, is dus heel belangrijk. De neiging bestaat om je beter voor te doen dan hoe je je voelt of hoe het gaat, en dat is begrijpelijk, maar niet handig. Hoe beter de bedrijfsarts is geïnformeerd en hoe actiever jij zelf meedenkt, hoe beter passend zijn advies en hoe groter dus de kans van slagen bij je re-integratie.”
Het advies is bovendien zwaarwegend: hou je je er niet aan, dan kan dit opgevat worden als niet willen in plaats van niet kunnen, met mogelijk sancties tot gevolg.
‘De neiging bestaat om je beter voor te doen dan hoe je je voelt. Dat is niet handig’
7. Zorg goed voor jezelf
Weet dat de kans dat je binnen twee jaar - eventueel met aanpassingen - weer aan het werk bent, veel groter is dan dat dat niet zo is. Dus houd moed en zorg goed voor jezelf. Begin klein als je gaat re-integreren. Een koffiemoment klinkt misschien onzinnig, maar helpt de drempel te verlagen en geeft inzicht in hoe het gaat. Bouw langzaam op en bedenk wat jou helpt om te herstellen. Durf grenzen te stellen. “Natuurlijk wil je zo snel mogelijk weer ‘gewoon’ aan het werk, maar het helpt niet als je daarin over de grens gaat en de rest van de dag gevloerd bent. Liever rustig opbouwen, dan weer terugvallen.”
8. Er is meer mogelijk dan je denkt
Een op de drie werknemers is chronisch ziek, en door afspraken of hulpmiddelen kunnen zij zich vaak prima redden. Via het UWV is er van alles mogelijk: van een aangepaste bureaustoel tot automatische klapdeuren. En misschien is een andere werkplek of (deels) een andere functie beter passend. “Een kleuterjuf met diabetes werkt nu met plezier in het speciaal onderwijs, waar altijd een assistent de klas even onder de hoede kan nemen als ze insuline moet spuiten.” Veel mensen vragen zich als ze ziek worden af: wil ik dit werk überhaupt nog wel? “Zorg eerst dat je beter in je energie zit, voordat je daarin een beslissing neemt. Want op het moment dat je ziek bent, zie je vaak niets meer zitten, ook je werk niet.”
Een boek als coach: ‘Volgende keer ben ik er weer!’
Met haar werk als onder andere hr-adviseur en re-integratiecoach én een bedrijfsarts als man, zijn de onderwerpen verzuim en re-integratie gesneden koek voor Amber Hackmann. Toen ze door een forse operatie maanden uit de running was, werd ze echter ruw wakker geschud uit de droom dat ze het allemaal wel wist. “Ziek zijn viel me zoveel zwaarder dan gedacht”, vertelt ze. “Over zes weken mag je voorzichtig weer beginnen, zei de arts, maar ik dacht: dan kent hij mij niet, want dit geldt niet voor mij. Uiteindelijk ben ik er maanden uit geweest.”
Ze merkte hoeveel er op je afkomt en hoe heftig dat is. “Ziek zijn is hard werken en het is vaak zo’n zoektocht om te weten wat er van je verwacht wordt. Ik kreeg gelukkig veel steun van mijn leidinggevende en collega’s, maar ik weet dat dit ook anders kan zijn. Een boek waarin je alle informatie op een rij vindt als je ziek wordt, bestond nog niet. Dat moet echt anders, dacht ik.” Dat leidde tot het boek Volgende week ben ik er weer!, waar ze veel vakgenoten - van bedrijfsartsen tot casemanagers - bij betrok en interviews hield met werknemers over hun ervaringen met ziekte en re-integratie. Het boek kun je volgens haar zien als een eigen re-integratiecoach: een gids die altijd tot je beschikking staat.
Volgende week ben ik er weer! - Alles wat je wilt weten als je ziek bent en niet kunt werken - , Amber Hackmann, Uitgeverij Haystack, €24,99.
Aantal wia-uitkeringen in onderwijs stijgt
| 2020 | 2024 | |
| Inkomensvoorziening arbeidsongeschikten (iva) | 4.975 | 6.442 |
| Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (wga) | 8.063 | 10,716 |
| Totaal | 13.038 | 17.158 |
Het aantal onderwijsmedewerkers dat langdurig ziek is en in de wia terechtkomt, neemt al jaren toe. In 2024 bedroeg het aantal wia-uitkeringen in totaal 17.158, een stijging van 31,6 procent ten opzichte van 2020.
Er zijn twee wia-uitkeringen: de regeling Inkomensvoorziening volledig arbeidsongeschikten (iva) en de regeling Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (wga). In het regeerakkoord van het kabinet-Jetten wordt er flink gehakt in de wia. Zo moet de uitkering fors lager en zal de iva zelfs geheel verdwijnen. De AOb is tegen de afbraak van de sociale zekerheid. AOb-voorzitter Coba van der Veer: “De werkdruk is hoog in het onderwijs. Als medewerkers uitvallen, moet er een stevig vangnet zijn.”
Wia-begeleiding
Wia-begeleiders van de AOb ondersteunen leden die langdurig ziek zijn vanaf week 88, bijvoorbeeld bij gesprekken met het UWV. Wil je in contact komen met een wia-begeleider of heb je een andere vraag over verzuim en re-integratie? Mail dan naar info@aob of bel 030 2989599.