Switch naar nieuwe school is zwaar, maar leerzaam
Overstappen naar een andere school is niet alleen een nieuwe werkplek. Het is ook een kleine heruitvinding van jezelf. Nieuwe collega’s, onbekende leerlingen, een ander ritme. Je merkt pas wat echt bij je past, als alles even anders is.
Tekst Maaike Lange - Redactie Onderwijsblad - - 7 Minuten om te lezen
‘Ik merkte dat klassikaal onderwijs mij niet zo ligt’
Jacques van Krugten (66) stapte na vijftien jaar over van jenaplanschool De Brug in Utrecht naar een andere basisschool, en keerde twee jaar later weer terug.
Beeld: Fred van Diem
“Op basisschool De Brug had ik het ontzettend naar mijn zin. Maar na vijftien jaar dacht ik: Ik moet nog een jaar of tien werken. Ik was 55 jaar. Het leek me leuk om ook nog iets anders te proberen. Ik was nieuwsgierig naar een nieuwe omgeving, een andere school. De Brug is een jenaplanschool, ik ben daar fan van, maar ik was ook nieuwsgierig naar het moderne klassikale onderwijs.
Ik was ook nieuwsgierig naar het moderne klassikale onderwijs
Ik stapte over naar De Blauwe Aventurijn, een gemengde school, dat past bij mij. Die school had een prima team en er zaten leuke kinderen, maar al snel merkte ik dat klassikaal onderwijs mij niet zo ligt. Met groep 3 allemaal op hetzelfde niveau lezen werkt in mijn ogen niet.
Alles anders
Op een jenaplanschool komt de ene groep aan de instructietafel en werkt de rest voor zichzelf. Vóór mijn overstap had ik stilgestaan bij het feit dat ik open moest staan voor mijn nieuwe omgeving, dat alles anders zou zijn. Dat is ook gelukt. Op een nieuwe school ben je weer die nieuwe leraar die door leerlingen wordt uitgeprobeerd, daar moet je even doorheen, dat was een uitdaging. Na het eerste schooljaar dacht ik, ik moet iets anders gaan zoeken, iets dat beter bij mij past, maar ik heb nog een jaar volgehouden. Daarna kon ik weer terugkomen op De Brug. Dat was ontzettend leuk, alsof ik terugkwam op mijn nest, in een fijn team, met vooral het onderwijs dat mij het beste afgaat.
Natuurlijk gingen intussen ook op De Brug enkele dingen anders. Bij wereldoriëntatie waren nieuwe collega’s ‘als de kat van huis is’ een andere weg ingeslagen. Ik kon niet zeggen: O, maar we deden het altijd zo. Een plek terug proberen te pakken, wekt weerstand op, je moet respect hebben voor collega’s die het op een andere manier doen. De tussentijdse overstap heeft mij wel wat gebracht. Je ontdekt wat echt bij je past. Wat ik te weinig heb gedaan, was echt onderzoeken of de nieuwe school iets voor mij was. Ik kan anderen adviseren dat eerst goed te doen.”
'In wat voor wereld ben ik beland?'
Marieke Dongelmans (40) verhuisde na tien jaar op een Amsterdamse basisschool naar het speciaal onderwijs voor dove en slechthorende leerlingen.
Beeld: Fred van Diem
“Met veel plezier werkte ik tien jaar op een heel leuke basisschool in Amsterdam-Oost. Maar door krimp zouden er elk jaar enkele leerkrachten uit moeten. Ik dacht, weet je wat, in plaats van af te wachten, vertrek ik zelf. Ik was toen bijna veertig. Als ik nog iets nieuws wil, iets groots, dan moet het nu, besloot ik. Als ik vijftig ben, maak ik zo’n overstap niet meer. Dan wil ik rustig afbouwen. Ik wilde mezelf uitdagen. Ik hou van nieuwe dingen. Toen kwam de perfecte vacature voorbij op het goede moment.
Het is meteen in het diepe springen, verdrinken en weer bovenkomen. Vooral het eerste jaar was pittig
Enorm schakelen
De eerste paar weken op de nieuwe school dacht ik ‘in wat voor wereld ben ik beland?’. Het is een school voor dove en slechthorende leerlingen. Helemaal anders. De hele dag spreken we in gebarentaal. Er werken ook vrij veel dove of slechthorende leraren. Het is enorm schakelen. Ik ben meteen begonnen met een gebarencursus. Twaalf jaar geleden had ik al eens een gebarencursus gedaan omdat ik zwemles gaf aan twee dove jongetjes.
Het is niet bepaald rustig inwerken of aankijken hoe het gaat. Het is meteen in het diepe springen, verdrinken en weer bovenkomen. Vooral het eerste jaar was pittig. Nu, het tweede jaar, voel ik: dit komt goed.
Ik heb groep 4/5 met acht leerlingen. Ook met zo’n klein groepje is het aanpoten. Enkele kinderen hebben in de eerste jaren van hun leven amper taal meegekregen. Hun ouders konden geen gebarentaal of de kinderen hadden nog geen gehoorapparaat. Hun wereld is klein. De hele dag ben ik bezig de betekenis van woorden uit te leggen.
Mijn kinderen zitten nog op mijn oude school. Met oud-collega’s ga ik nog weleens borrelen. Dat is gezellig. Het zou raar zijn om ze nooit meer te zien. Op mijn nieuwe school hebben we een klein en gezellig team. Je hebt hier echt het gevoel dat je samen de school draagt, je moet ontzettend nauw samenwerken. Gelukkig werd ik ook snel door mijn nieuwe collega’s meegenomen. Ga je mee een hapje eten? Ik vind dat ik veel investeer nu. Ik denk dat ik minimaal tien jaar zal blijven, misschien wel tot mijn pensioen.”
'Mam, dit is geen manier om afscheid te nemen'
Jeannine de Jong (66) stapte na 25 jaar als docent verpleegkunde over naar de internationale schakelklas van ROC West-Brabant.
Beeld: Fred van Diem
Ik heb mijn leraarschap lang gecombineerd met mijn werk als wijkverpleegkundige. Mijn liefde ervoor kon ik goed kwijt in het onderwijs. Ik kreeg veel waardering van de leerlingen. ‘Juffrouw, u weet waar u het over heeft’, zeiden ze. ‘Hoe u het uitlegt, nu snappen we wat diabetes is.’ Binnen het team van verpleegkundigen verstonden we elkaar.
Pesten
Pas toen we met andere teams moesten samenwerken, ging het minder vanzelfsprekend. Verschillende culturen kwamen samen. Sommige docenten stelden niet de leerling voorop, althans niet in positieve zin, zo voelde ik dat. Ik heb altijd geprobeerd mijn eigen ding te blijven doen, mijn eigen morele kompas te volgen. In die zin ben ik een vrije vogel. Maar dat werd niet door alle collega’s gewaardeerd. Het mondde uit in gepest. Toen steeds meer oudgedienden met pensioen gingen, stond ik binnen het team steeds meer alleen. Op een dag besloot ik te stoppen. Een collega had mij gezegd dat de schoolomgeving veilig moet voelen, ook voor mij. Die woorden kwamen binnen. Ik besefte plots dat dat niet het geval was.
Mijn hart stond open en ik kreeg weer de waardering zoals ik die eerder had gekregen
Ik was intussen de 64 gepasseerd. Ik ging in de ziektewet. Mijn dochter zei: ‘Mam, dit is geen manier om afscheid te nemen van je carrière.’ Ik wilde altijd al lesgeven aan vluchtelingen. De internationale schakelklas is een poot van het roc. Ik ben daar toen binnengelopen en tot mijn verrassing wilden ze net les in zorg gaan opzetten. Ik vroeg of ik mocht helpen. Ik ben instructeur geworden. Het was geweldig. Mijn hart stond open en ik kreeg weer de waardering zoals ik die eerder had gekregen. Ik leerde ze woordjes Nederlands, ehbo, de was doen. Het was het beste wat me kon overkomen. Als ik langer op mijn oude school was gebleven, was ik misschien echt ziek geworden. Ik ben blij dat ik open kon staan voor iets nieuws en niet bitter ben geworden. Mijn oude baas heeft het verschil in salaris bijbetaald tot aan mijn pensioen en van enkele oud-collega’s en leerlingen hoorde ik dat ze me misten. Een mooie opsteker. Ik kijk terug op een prachtige carrière.”