Gokken is overal, ook in de klas
Online gokken is met één klik bereikbaar voor jongeren. Docenten zoeken naar manieren om het bespreekbaar te maken zonder het te normaliseren of te verbieden. In het mbo, waar preventie en vroegsignalering een expliciete rol hebben, wringt dat misschien wel het meest.
Tekst Judith Katz - Redactie Onderwijsblad - - 9 Minuten om te lezen
Beeld: Nino Maissouradze
Studenten zijn opvallend open tegen mbo-docent Jessica Kamp (ROC van Amsterdam) als het over gokken gaat. Dat verbaast haar niet. Kamp is niet alleen docent, maar ook pokerspeler op hoog niveau. “Dat heb je zo gevonden via Google.” Juist daardoor, denkt ze, weten vooral de jongens in haar opleiding maatschappelijke zorg haar makkelijker te vinden dan andere docenten. “Dan roepen ze: Hé juf, ik ben roulette aan het spelen!”, vertelt ze. In de kantine zitten studenten soms met een groepje rond de tafel, elkaar op te jutten. Ook dan wordt Kamp erbij geroepen. “‘Juf, heeft u nog tips?’ Ik maak er een grapje van, vraag wie er tegen wie speelt, maar ik zeg ook: Niet meer dan 5 euro inzetten.” Meestal volgt instemming. “Dan zeggen ze: ‘Oké, is goed juf.’”
Kamp gebruikt zulke momenten om grenzen en verschillen uit te leggen. “Ik zeg altijd: Als jij en ik allebei roulette spelen, is de kans even groot dat we winnen. Maar als we gaan pokeren, ga jij niet winnen.” Dat verschil, legt ze uit, zit tussen kans- en behendigheidsspelen (al wordt poker soms ook als een kansspel gezien, red.). “Er is niet voor niets geen Nederlands kampioenschap roulette.” Ze wijst studenten er bovendien op dat gokken op de lange termijn altijd verliesgevend is. “De kans op de jackpot is heel klein, het casino wint altijd. En dat vertel ik ze, wel altijd met een lach.”
Hoeveel studenten gokken? Kamp heeft ze niet geteld, maar ziet het vooral terug bij jongens. En de meiden? “Die hebben het er nooit over.” Onder collega’s is gokken geen vast gespreksonderwerp.
Gokbedrijven zijn alomtegenwoordig
Wat Kamp in de praktijk ziet, past in een breder beeld. Sinds de legalisering van online gokken in 2021 hebben gokbedrijven zich met grote reclamecampagnes ingevochten op de telefoons van jongeren. In het betaald voetbal liepen spelers tot een verbod vorig jaar zomer rond met sponsornamen van gokbedrijven op hun shirt. Nog altijd wordt de eredivisie voor mannen gesponsord door de VriendenLoterij en die voor vrouwen door Eurojackpot. En dat is slechts het zichtbare deel. Voor veel studenten is gokken daarmee voortdurend nabij: een weddenschap in de eredivisie, obscure buitenlandse competities of een paar spins in een online casino, alles staat op de telefoon.
Beeld: Nino Maissouradze
Cijfers uit het signaleringsinstrument Testjeleefstijl, ingevuld door zo’n 30 duizend mbo-studenten, laten zien dat ongeveer de helft in het afgelopen schooljaar heeft gegokt. Zo’n 10 tot 11 procent gokt dagelijks of wekelijks. Dat aandeel ligt aanzienlijk hoger bij jongens op mbo-niveau 1 en 2: daar gaat het om zo’n 19 tot 22 procent. In klassen met veel jongens kan dat betekenen dat een meerderheid ervaring heeft met gokken, wat het beeld versterkt dat ‘bijna iedereen’ meedoet. Ook hbo- en wo-studenten gokken, maar daar lopen nog onderzoeken naar. Hoewel het niet mag, gokken ook scholieren: op het vmbo vaker voor geld dan leeftijdsgenoten op havo en vwo, blijkt uit de Scholierenmonitor van het Trimbos-instituut. Zo gokt ongeveer 2 procent van de 12-jarigen voor geld; bij 16-jarigen loopt dat op tot 8 procent.
Signalen van gokgedrag zijn moeilijk te herkennen
Tijdens de leefstijllessen van het Deltion College praat ook sportdocent Jurjen Bosma met studenten over gokken -tenminste, als uit Testjeleefstijl blijkt dat het onderwerp leeft. Studenten vullen anoniem in hoe zij omgaan met zestien leefstijlthema’s; docenten stemmen hun lessen daarop af. Gokken werd twee jaar geleden aan de vragenlijst toegevoegd.
“Je moet niet de illusie hebben dat 25 studenten naar buiten lopen en denken: ik ga nooit meer gokken”, zegt Bosma, die bij Testjeleefstijl betrokken is. “Maar er blijft altijd wel een aantal hangen met vragen. Dat is winst.” Ook hij ziet de aandacht groeien sinds 2021. “Ik pokerde vroeger met vrienden. Gokken is niet nieuw, maar het is nu wel veel makkelijker bereikbaar.”
Hoe nieuw gokken nog is op school, blijkt uit een verkenning van het Trimbos-instituut onder mbo-docenten, uitgevoerd binnen het programma ‘Helder op school’. De studie is nog niet afgerond, maar de contouren worden wel langzaam zichtbaar. Het onderwerp speelt wel, maar krijgt minder prioriteit dan andere, zichtbaardere problematiek onder studenten, laat afdelingshoofd digitale media en gokken Simone Onrust weten. Docenten geven aan dat signalen van gokgedrag moeilijk te herkennen zijn en dat er een taboe rust op het bespreken ervan. Ze geven ook aan handvatten te missen om het gesprek over gokken aan te gaan.
‘Gokken is niet nieuw, maar het is nu wel veel makkelijker bereikbaar’
De focus op het mbo betekent niet dat gokken zich daartoe beperkt. Juist omdat mbo-scholen een centrale rol hebben gekregen in preventie en vroegsignalering, komt het onderwerp hier vaker expliciet op tafel. “We spraken docenten die aangeven dat gokken sterk leeft onder studenten, maar ook docenten die het nauwelijks waarnemen”, zegt Onrust.
Onderzoeker Ruth van Holst, universitair hoofddocent aan de Universiteit van Amsterdam, herkent dat beeld. Zij is bezig met een onderzoek met als doel een app waarop jongeren tussen de 16 en 25 terechtkunnen met gokproblemen. In Australië is daar al veel ervaring mee. “Docenten bij opleidingen met veel jonge mannen zien het vaker, net als bij opleidingen met een economische of sportieve focus”, zegt ze. “Wat hen opvalt, is hoe openlijk erover wordt gesproken: ‘Deze odds zijn vet.’ Voor sommige docenten is dat nieuw.” Verliezen blijven daarbij vaak buiten beeld, terwijl studenten soms honderden euro’s inzetten. “Docenten vroegen zich af: hoe kan het dat je daar zoveel geld voor hebt?” Volgens Van Holst is het daarom niet altijd effectief om alle studenten collectief voor te lichten. “Ook omdat je niet wilt normaliseren.”
Beeld: Nino Maissouradze
‘Gokken werd mijn uitlaatklep’
In de klas lijkt online gokken soms onschuldig vermaak, iets wat zich afspeelt op telefoons. Maar achter dat scherm kan een dubbelleven schuilgaan dat pas zichtbaar wordt als het al uit de hand is gelopen, zoals een oud-mbo-student (25) uit eigen ervaring weet.
“Na het kijken van een voetbalwedstrijd gingen we met een paar jongens nog een biertje doen. Ik liep even naar de wc en hoorde ineens dat herkenbare geluid van een gokspel. Dat geluid vergeet je niet. In de woonkamer zat een groep jonge gasten voor de tv, ze waren aan het livestreamen terwijl ze online aan het gokken waren. Vroeger had ik daar meteen bij gezeten, maar nu voelde ik geen drang. Ik ben erbij gaan staan en heb gezegd: Jongens, ik snap dat het leuk en spannend is, maar weet je wat dit mij heeft gekost? En toen heb ik mijn verhaal verteld. Dat maakte heel veel indruk op ze.”
“Mijn eerste ervaring met gokken was onschuldig. Tientjes in een gokkast in het café, toen ik 18 was. Op het mbo was online gokken nog niet eens gelegaliseerd; het speelde vooral via cafés of schimmige websites. Het leefde ook niet massaal in de klas, meer in mijn eigen vriendengroep. Pas later liep het uit de hand. Toen online gokken legaal werd, werd het nóg makkelijker. Apps downloaden, ID scannen, koppelen aan je bankrekening en je bent binnen. In het begin won ik zelfs groot - 70 duizend euro op een illegale site. Dat kon ik niet uit laten betalen, maar het gaf me het gevoel dat ik het spel beheerste. Uiteindelijk eindigde ik met 40 duizend euro schuld.”
“Gokken werd mijn uitlaatklep. Ik was vroeger gepest en voelde me vaak alleen. Achter dat scherm hoefde ik niets te voelen. Niemand wist het. Ik leidde een dubbelleven en bleef denken: nog één keer winnen en dan stop ik.”
“Toen ik voor mijn werk een paar weken in het buitenland was, nam ik me voor: als ik thuiskom, ga ik alles vertellen. En dat heb ik gedaan. Dat was het begin van mijn herstel. Nu ben ik ruim een jaar gokvrij. Wat me het meest kapotmaakte was niet zozeer het geld, maar het liegen, manipuleren en bedriegen. Daarom denk ik erover om ooit als ervaringsdeskundige voor een klas te staan. Omdat je van 20 euro voor de lol ongemerkt naar een volledig dubbelleven kunt gaan. Jongeren dat moeten weten.”
Stufi is riskant voor iemand met een gokprobleem
Voor een kleine groep blijft gokken niet bij een paar euro. Uit Testjeleefstijl blijkt dat 7 tot 8 procent van de studenten ‘soms een gokprobleem ervaart’ en 1 tot 2 procent regelmatig. Dat zijn de studenten bij wie recreatief gedrag kan doorschuiven richting verslaving. Fred Steutel, directeur van Hervitas, een kliniek die zich volledig richt op gok- en gameverslaving, ziet die gevolgen vooral bij jongvolwassenen. “60 tot 70 procent van onze cliënten is tussen de twintig en dertig jaar. Online gokken speelt daarin een grote rol.” Verslaving komt volgens hem voor in alle lagen van de bevolking. Tegelijkertijd ziet hij in de praktijk relatief veel studenten, ook op het mbo. “Daar is geen onderzoek naar, maar het is wel wat wij zien.”
Beeld: Nino Maissouradze
Een verklaring ligt volgens Steutel in de beschikbaarheid van geld. “Studiefinanciering komt automatisch binnen en is met één klik te verhogen. Voor iemand met gokproblemen is dat riskant.” Hij ziet jongeren van begin twintig soms met schulden tot 80 duizend euro. “Dan schaam je je kapot en kijk je tegen een enorme financiële last aan.”
De normalisering van gokken maakt het volgens Steutel lastig om problemen tijdig te herkennen. “Voor de meeste mensen blijft het bij kleine bedragen, voor de lol. Maar het wordt problematisch als iemand gokt om verliezen terug te winnen, gokt terwijl hij eigenlijk niet wil, of gokt met geleend geld.” Vroege signalering blijft daarom cruciaal. “Als mensen eerder hulp krijgen, voorkom je dat het volledig ontspoort.”
Dat herkent ook Kamp. “Je wilt niet verbieden, want dat werkt niet”, zegt ze. “Maar je wilt ook niet doen alsof het onschuldig is.” Ze gaat verder: “Ik vroeg een student of hij het logisch zou vinden als de school alle gokwebsites zou blokkeren”, zegt de mbo-docent. “Hij dacht even na en zei toen: Dan loop ik toch gewoon naar buiten?”
Gokken bespreekbaar maken
Wie gokproblemen wil signaleren, moet weten dat studenten die worstelen met gokken dat meestal verborgen houden, zeggen experts van het Trimbos-instituut. Schaamte speelt een grote rol en signalen zijn vaak subtiel: concentratieproblemen, geldgebrek, vermoeidheid of opvallend veel praten over weddenschappen en online casino’s. Eén signaal zegt weinig; het is altijd belangrijk om het gesprek aan te gaan. Stel open vragen, luister zonder oordeel en vat samen wat een student zegt. Vermijd directe vragen over geld of gokken als de student dat zelf niet noemt en ga niet in discussie bij weerstand. Het doel is niet om het probleem zelf op te lossen, maar om veiligheid te bieden en - waar nodig - door te verwijzen naar het zorgteam of externe hulp.
Meer weten? Kijk dan eens naar het preventieprogramma ‘Helder op school’ van het Trimbos-instituut. Zij hebben een training ontwikkeld, bestaande uit een e-learning en een fysieke bijeenkomst. In de fysieke bijeenkomst, verzorgd door een preventiewerker van een instelling voor verslavingszorg, leren onderwijsprofessionals gokproblemen herkennen en die bespreekbaar maken met studenten. Ook leren ze hoe ze studenten kunnen begeleiden naar passende hulp, zowel binnen als buiten de school.