Een geschiedenisdocente krijgt een klacht van een moeder die vaag en onterecht is. De AOb staat haar bij en dringt er bij haar werkgever op aan vierkant achter de docente te gaan staan.
Een geschiedenisdocente krijgt een klacht van een moeder die vaag en onterecht is. De AOb staat haar bij en dringt er bij haar werkgever op aan vierkant achter de docente te gaan staan.

Beeld: Typetank

Juridisch advies: Gemiste kans

Vage klachten van ouders kunnen de goede naam van een leraar schaden. Zeker als de werkgever die niet correct afhandelt.

Cora werkt al een paar jaar met veel plezier als docent geschiedenis op een grote scholengemeenschap. Zij vindt het heerlijk om met jong volwassenen te werken en haar passie voor het vak te delen. De leerlingen zijn niet ongevoelig voor haar enthousiasme en lopen met haar weg.

Een successtory? Niet helemaal. Een ouder van een leerling dient een klacht in. De betreffende ouder is bekend op de school. Het is niet de eerste klacht die deze moeder indient over een docent. In eerste instantie neemt Cora dan ook niet eens de moeite om contact op te nemen met de AOb. De klacht is dusdanig vaag en onterecht dat zij verwacht dat deze door haar werkgever snel ongegrond zal worden verklaard.

Ongegrond

De verwachting van Cora komt echter niet uit. Om onduidelijke redenen kiest de werkgever ervoor het eigen klachtreglement niet te volgen. Er vindt geen formele behandeling van de klacht plaats. De werkgever onderzoekt de klacht dan ook niet maar arrangeert gesprekken tussen Cora en de moeder. Dit lost niks op. De moeder kan haar klacht nauwelijks concretiseren en baseert zich op “verklaringen van horen zeggen.” Cora is ervan overtuigd dat de klacht ongegrond is en wil dat de werkgever een duidelijk oordeel velt. De werkgever laat dit echter na en de kwestie sleept dus voort. Inmiddels begint de hele procedure een zware wissel te trekken op de arbeidsvreugde van Cora. Zij voelt zich niet gesteund door haar werkgever en neemt contact op met de juridische dienst van de AOb.

De moeder kan haar klacht nauwelijks concretiseren en baseert zich op “verklaringen van horen zeggen

De behandelaar van de AOb dringt bij de werkgever aan op een formele behandeling van de klacht. Die heeft zich ondertussen in een positie gemanoeuvreerd dat een juiste beoordeling van de klacht niet meer doenlijk is. De wispelturige moeder stelt inmiddels geen prijs meer op verdere behandeling. En de betreffende leerling zit inmiddels in een andere klas.

Aangetast

De werkgever wil de hele kwestie afsluiten met een afrondend gesprek. Daar neemt Cora geen genoegen mee. Zij voelt zich aangetast in haar goede naam en wil niet dat zij in de toekomst last krijgt van deze kwestie. Namens Cora verzoekt de behandelaar van de AOb om een schriftelijke verklaring van de werkgever dat haar niks te verwijten valt. Na enig aandringen voldoet de werkgever aan dat verzoek. Met de uiteindelijke tekst, die door de behandelaar van de AOb wordt nagezien en aangevuld, zijn Cora en de werkgever tevreden. Maar helaas zonder de vaststelling dat Cora niks te verwijten valt of dat niet gebleken is van verwijtbaar gedrag. Want, zo verklaart de werkgever, “hij is er immers zelf niet bij geweest en kan er dus ook geen standpunt over innemen”. De werkgever verbergt zich hiermee op een beetje een slappe manier achter het eigen nalaten van een adequaat onderzoek en wenst kennelijk ook niet vierkant achter het eigen personeel te gaan staan. Een gemiste kans.

AOb-leden kunnen contact opnemen met de bond als ze een cao-vraag hebben of een andere juridische kwestie. Lees meer over het lidmaatschap. 

Meer nieuws