Voor personeel is er zowel vooraf als achteraf een controle op het werkverdelingsplan.
Voor personeel is er zowel vooraf als achteraf een controle op het werkverdelingsplan.

Beeld: Typetank

Eigen taken formuleren in het werkverdelingsplan, mag dat?

Vanaf dit schooljaar moet elke basisschool een werkverdelingsplan hebben. Mag meester Bram dan zijn eigen taken formuleren?

Het uitgangspunt van het werkverdelingsplan is dat werknemers meer inspraak hebben in de verdeling van het werk. Bij het basis- en overlegmodel had de werkgever het voor het zeggen, maar in het werkverdelingsplan maakt het team de afspraken. Meer zeggenschap bij het team, betekent automatisch minder zeggenschap bij de individuele leerkracht en de schoolleider/het schoolbestuur.

Wensen

Meester Bram heeft inspraak, maar kan niet alles naar zijn hand zetten. Het kan gebeuren dat hij zich toch moet aanpassen aan de wensen van de rest van het team. Ook kan het voorkomen dat het team iets anders wil dan de schoolleider in gedachten had.

Meester Bram heeft inspraak, maar kan niet alles naar zijn hand zetten

Kort gezegd werkt het werkverdelingsplan als volgt: de werkgever schetst de kaders van wat er volgend schooljaar moet gebeuren. Denk hierbij aan groepen, leerlingen, ontwikkelingen, scholingen, etc. Met deze informatie gaat het team in gesprek; er moet worden afgesproken wie welke groepen of lessen doet en hoeveel tijd daarvoor beschikbaar is. Ook wordt er gekeken naar zaken als voor- en nawerk, pauzes en vervangingsbeleid.

Controle

De werkgever moet op zijn beurt aan de slag met de uitkomsten van deze gesprekken. Hij maakt hiervan een concept werkverdelingsplan wat hij voorlegt aan het team. Na akkoord van het team moet het definitieve plan worden voorgelegd aan de personeelsgeleding van de mr. Als de pmr niet instemt, gaat het hele feest niet door. Er is dus voor het personeel zowel vooraf als achteraf een controle op het plan en het vindt pas doorgang als alle partijen akkoord zijn.

Het werkverdelingsplan is de leidraad voor meester Brams inzet in een schooljaar. De achterliggende gedachte is dat hij zelf betrokken is bij het bespreken van zijn inzet en dus niet voor verrassingen komt te staan.

Meer nieuws