Roger van den Berg schakelt in zijn werkweek voortdurend tussen zorg en onderwijs. Beeld Angeliek de Jonge.
Roger van den Berg schakelt in zijn werkweek voortdurend tussen zorg en onderwijs. Beeld Angeliek de Jonge.

Beeld: Angeliek de Jonge

Switch tussen zorg en onderwijs geeft energie

Structurele onderbetaling en werkdruk plagen zowel de zorg als het onderwijs. Nieuwkomers in beide sectoren leggen uit waarom ze de overstap hebben gewaagd.

Op de mavo had Roger van den Berg een duidelijk plan. Hij zou havo gaan doen en daarna de pabo. “Maar mijn decaan zei dat ik niet goed genoeg was voor de havo. En helaas heb ik naar hem geluisterd.” 

 

Na een paar gestrande pogingen om een opleiding te volgen en een beroepskeuzetest, kwam Van den Berg in 1979 uit bij de zorg. Dat bleek goed te passen, en met het verstrijken van de jaren klom hij op tot de kinder-ic, specialiteit neonatale- en neurochirurgie.

‘Werken met zieke en gezonde kinderen is de perfecte balans’

Maar het onderwijs bleef lonken. Toen hij hoorde van een pabo voor zij-instromers, besloot hij ervoor te gaan. Eigenlijk was die opleiding bedoeld voor mensen met een deeltijdbaan ernaast. “Ik werkte voltijd. Ik heb die opleiding gecombineerd met mijn werk, liep stages tijdens mijn vakanties. Ik had ook nog een gezin, het waren in pittige jaren.”

Energie

Sinds 1993 staat hij twee dagen per week voor groep 5. “In het begin kon ik nog geen vaste vrije dagen krijgen. Zo kon het tien jaar lang gebeuren dat ik nachtdienst had en meteen door moest naar school. Maar ik kreeg zo veel energie van de kinderen, dat ik het er graag voor over had.”
Financieel gezien is hij in het onderwijs beter af. “In de zorg moet ik het echt hebben van mijn onregelmatigheidstoeslag. Maar voor mij is werken met zieke en gezonde kinderen de perfecte balans. Ik zou het niet anders willen.”

 

Beeld Angeliek de Jonge

Ton Beugelsdijk en Karin Koerts. Beeld Angeliek de Jonge

Ton Beugelsdijk en Karin Koerts maakten beiden de overstap van zorg naar onderwijs. Maar hun motivatie kon niet meer verschillen.

 

Voor Koerts, die 32 jaar gewerkt had in de psychogeriatrie en later in de thuiszorg, was de koek helemaal op toen ze “weer een leidinggevende kreeg die het allemaal niks kon schelen”. Ze nam ontslag en na een moeilijke periode waarin mantelzorg de boventoon voerde, keek ze weer rond op de arbeidsmarkt. Een kennis die op een internationale school haalde haar binnen. Inmiddels doet ze het leermiddelenbeheer.

‘Ik stond voor de klas en wist: dit wil ik’

Haar man Ton zat als groepsleider en clustermanager in de zorg best in zijn vel, maar toen hij gevraagd werd om gastlessen te geven, wist hij twaalf jaar geleden: dit is wat ik wil. Nu geeft hij agogische vakken en rekenen op een mbo-opleiding zorg en welzijn voor zij-instromers.
De twee sectoren hebben wel wat van elkaar weg, vindt hij. Door de grote aandacht voor kwaliteitszorg wordt er regelmatig van alles vernieuwd. “Dan denk ik, zo veel is ons vakgebied toch niet veranderd in de afgelopen tijd? Laat mij gewoon mijn werk doen.” Maar in het onderwijs ervaart hij een grotere administratieve druk.

Lager niveau

Hun overstap leidde voor het echtpaar niet tot een grote financiële stap terug. Ton wist zijn inkomen door een detacheringsconstructie zelfs tijdens zijn opleiding op peil te houden, daarna kwam hij in een goedbetaalde docentenschaal terecht. Karin ging wel wat achteruit. “Maar dat komt omdat ze nu op een lager niveau werkt, niet door de cao.”

Beeld Angeliek de Jonge

Lotte Glasmachers was biologiedocent en is nu leerling verpleegkundige. Beeld Angeliek de Jonge

Op de laatste school waar Lotte Glasmachers werkte, zag ze een aantal collega’s die vlak voor hun pensioen nog vol vuur lesgaven. “Fantastisch om te zien, maar ik wist ook: ik heb dat niet.”

 

Na twaalf jaar in het onderwijs voelde ze zich er niet meer echt op haar plek. Ze had het gevoel dat ze steeds meer politieagent moest spelen en dat er steeds minder ruimte was om dingen op haar manier te doen. Wat ze dan wel wilde? Dat zag ze in nadat iemand op Facebook schreef: Als kind wist je al wat je passie was. “Nou, als kind vond ik schooltje spelen verschrikkelijk. Ik wilde altijd verpleegster zijn.

‘Ik vond schooltje spelen als kind al verschrikkelijk’

Inmiddels is ze leerling verpleegkundige en volgt ze de opleiding hbo-verpleegkunde. Die keuze bevalt goed, als is het soms zwaar. “Je bent de hele dag aan het rennen en hebt nooit genoeg tijd voor je patiënten.” Toch is het rustiger dan het onderwijs. “Als ik thuis ben, ben ik nu ook echt thuis. In het onderwijs zit je dan toch vaak tot tien uur of later nog na te kijken of lessen voor te bereiden.”

Onderaan

Ze deed een enorme stap terug qua salaris, want ze werkte de laatste jaren als schoolleider. Nu begint ze weer helemaal onderaan. Tijdens haar opleiding wordt ze betaald, omdat het een traject speciaal voor zij-instromers is. “Anders had het niet gekund.”

Lees over de beoogde aanpassing van lerarenopleidingen speciaal voor zij-instromers.

Meer nieuws

De gelukkige leraar

Op scholen waar geluk op de agenda staat, werken leraren en leerlingen met meer plezier en energie, zijn ze minder vaak ziek en presteren ze... LEES VERDER