![]() ![]() | |||||||||||||
Onrust in het inburgeringswerk. Niet alleen bij de roc’s die zich in de concurrentiestrijd proberen te handhaven, ook onder docenten Nederlands als tweede taal die het van tijdelijke opdrachten bij commerciële taalbureaus moeten hebben. Door de keiharde concurrentie moet het werk steeds goedkoper en staan arbeidsvoorwaarden onder druk. Docenten trekken aan de bel. “Er moet een onderzoek komen naar de kwaliteit van de inburgeringstrajecten.” Ad Appel heeft altijd een grote belangstelling voor andere culturen gehad. Na zijn studie antropologie en bewogen jaren in de Amsterdamse kraakbeweging, volgde hij de lerarenopleiding omdat hij één ding graag wilde: Nederlands geven aan buitenlandse cursisten. Dat doet hij nu al zo’n vijftien jaar, waarvan de laatste zes bij de afdeling educatie van het roc van Amsterdam. Werken als docent Nederlands als tweede taal (NT2) bevalt hem uitstekend, maar hij houdt er rekening mee dat hij na de zomer als freelancer verder moet. Vorig jaar is hij boventallig verklaard, vertelt hij, en de directie heeft hem weinig hoop gegeven dat hij zijn vaste aanstelling kan behouden. Herplaatsing naar een andere afdeling binnen het roc ziet hij niet gebeuren, een serieus aanbod heeft hij in elk geval niet gehad. Bovendien wil hij graag aan de slag blijven als NT2-docent. “Tot nu toe kon het management gaten steeds dichten door mensen over te plaatsen naar het mbo, vmbo of andere functies. Ik ben al langere tijd boventallig en er is nog geen vervangend werk. Binnen het schoolgebouw waar ik werk waren in december negen van de zestien mensen boventallig of naar een andere werkplek vertrokken.” Grillen Annemarike Ruitenbeek is sinds een paar maanden weg bij een ander roc, de Mondriaan Onderwijsgroep. In december vorig jaar werd haar jaarcontract niet verlengd. Zes jaar terug werkte ze er ook al, toen volgde ze nog de duale NT2-opleiding. Ze heeft niet voor niets gekozen voor het inburgeringsvak. “Je kunt mensen iets meegeven waar ze de rest van hun leven iets aan hebben. Dat maakt het heel bevredigend. Ik heb klassen van tien mensen met tien verschillende nationaliteiten. Ze hebben allemaal een verhaal. Ik heb een tijdje lesgegeven in een moskee. De vrouwen van wie je normaal gesproken alleen de ogen ziet, had ik in mijn klas. Dat vond ik heel erg leuk.” Bij Mondriaan was alles keurig geregeld via de cao, zegt ze. “Zo goed heb ik het nooit meer gehad. Met vakantiedagen en voorbereidingstijd die je betaald krijgt. Maar flexwerkers zoals ik moesten eruit. Ze zeiden wel: Als we weer werk hebben denken we aan je, maar daar eet je geen brood van natuurlijk.” Nu is ze als freelancer aan de slag. Ze ondervindt de grillen van de commerciële markt, waarin sommige taalbureaus voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Gangbare vergoedingen liggen volgens geïnterviewden tussen de dertig en vijfenveertig euro. “Ik kreeg voor een opdracht opeens achttien euro per lesuur aangeboden. De voorbereidingstijd werd niet eens vergoed. Die klus heb ik afgewezen, dat was echt een belediging. Maar ja, als je maar hard genoeg werk nodig hebt, dan doe je het wel. Anders neemt een ander het werk misschien. Ik denk dat mensen op die manier tegen elkaar worden uitgespeeld. Ik merk dat ik het voor steeds minder moet doen. Er wordt bekeken hoe je zo goedkoop mogelijk kunt werken. Niet alleen qua tarieven, maar ook qua locaties en faciliteiten.” Beu “Je ziet dat veel cursuswerk in de buurthuizen wordt gedaan. Computers zijn er bijna niet meer bij, een cd-speler is soms al lastig om te krijgen”, zegt Ruth Monas. Vorig jaar september stapte ze over van het basisonderwijs naar het inburgeringswerk. Ze volgt een duale post-hbo opleiding NT2 in Utrecht, die ze in juni zal afronden. Ze werkt als freelancer voor twee particuliere taalinstituten. Het werk zelf bevalt haar uitstekend, maar de arbeidsvoorwaarden moeten beter. “Ik ken een paar hele goede collega’s die om die reden ermee zijn gestopt. Ze waren het beu dat ze steeds moesten knokken voor het geld.” Ook Monas merkt de prijsdruk aan den lijve. “Het laagste uurtarief dat me is geboden, is vijftien euro, zonder voorbereidingstijd. Toen heb ik gezegd: dan houdt het gesprek hier op. Maar de andere kant van het verhaal is dat er mensen zijn die dat wel accepteren. Daarmee ondermijn je je eigen positie en die van je collega’s. Voor mensen met een partner die veel verdient is dat makkelijker. Ik vind het belangrijk dat er richtlijnen komen. Wat vinden we nou als beroepsgroep een redelijk tarief?” De drang om alles goedkoop gedaan te krijgen, drukt de kwaliteit van het inburgeringsonderwijs. “Gemeenten moeten ook naar de kwaliteit kijken. Ik weet van instituten die geen onderwijsbevoegdheid of nascholing vragen. Als je denkt dat je een hbo-niveau hebt, dan mag je er aan de slag.” Monas pleit, net als andere bezorgde collega’s, voor een onderzoek naar de kwaliteit van de inburgeringstrajecten. “Ik weet absoluut zeker dat er een enorm verschil in kwaliteit is tussen de bureaus van vijftien en vijftig euro. Kijk naar de uitval: het gebeurt veel dat bureaus met een groep beginnen en aan het einde zes cursisten over hebben gehouden. Dan gaat het er alleen maar om dat de cursisten de handtekening hebben gezet, zodat de gemeente betaalt.” Kernteam De gevolgen van de vrije concurrentiemarkt in het inburgeringsonderwijs vragen om een extern onderzoek, zegt zelfstandig NT2-docent Teun van Iperen. De vergoedingen zakken om opdrachten binnen te halen, ongekwalificeerden worden voor de klas gezet, en de kwaliteit wordt aangetast. “Goed onderwijs is gewoon duur”, zegt hij. “Maar het betaalt zich wel terug. Zoals het nu gaat, gaat het niet goed.” Van Iperen besloot anderhalf jaar geleden zelfstandig ondernemer te worden. In de zomer van 2005 werd zijn tijdelijke aanstelling bij roc Flevoland niet verlengd. Nu is hij aan de slag bij twee particuliere taalscholen en voor een traject van het Centraal orgaan opvang asielzoekers. En voor roc Flevoland, waar hij nu als zelfstandige tijdelijk weer terug is. Ook bij roc Friese Poort is Van Iperen aan de slag. Hij ziet zichzelf niet als concurrent van roc-collega’s met een vaste aanstelling. “Roc's hebben nu een kernteam over. Voor die kernteams ben ik geen bedreiging. Bovendien zijn er ook nog collega’s daar met een jaarcontract, dus er zit nog steeds een losse schil omheen. Daar zit ik nog buiten. Soms is er een periode waarin er wat meer werk is, dan stap ik daar in. Als die uren weer teruglopen, zoals nu bij Friese Poort, ben ik de eerste die weg moet.” Roc’s beschikken over kennis en deskundigheid die behouden moeten blijven, zegt hij. “De kernvraag is: Kunnen roc's goedkoper werken met behoud van kwaliteit?” Uit het oog Wat staat Ad Appel te wachten, als hij straks mogelijk als freelancer verder moet? De docent besloot naast zijn werk op het roc van Amsterdam een universitaire master NT2 te volgen. “Er is werk genoeg. Maar kwaliteitseisen zijn hard nodig. Je zet toch ook niet zomaar iedereen voor de klas om Engels te geven? Je moet voorkomen dat het doceren van NT2 een lage functie wordt die door ongekwalificeerde personen wordt uitgeoefend.” Op het internetprikbord van de beroepsvereniging van NT2-docenten leest hij berichten van collega-leerkrachten. Hoe het zijn collega’s is vergaan die eerder bij het roc van Amsterdam vertrokken, weet hij niet. “Je verliest elkaar uit het oog. Je werkt door met het steeds kleinere clubje dat achterblijft en probeert het schip drijvend te houden. Wat er gebeurt met de mensen die er al afgesprongen zijn, dat zou ik niet durven zeggen.” {kader} Ondertussen op de roc’s… De onrust onder personeel in de educatie is groot. Roc’s moeten tegenwoordig met elkaar en met commerciële taalbureaus concurreren. Die commerciële bureaus bieden andere (lees: slechtere) arbeidsvoorwaarden dan de huidige cao-bve, en kunnen veel lagere uurtarieven offreren aan gemeenten. Roc’s moeten hun kostprijs omlaag brengen om opdrachten te verwerven. In educatieland zijn de afgelopen jaren, vooruitlopend op de marktwerking, reorganisaties uitgevoerd om een deel van de docenten over te plaatsen en is vrijwillig vroegpensioen gestimuleerd. Toch vrezen roc’s dat ze nog altijd meer NT2-docenten op de loonlijst hebben staan dan er aan werk zal binnenkomen. Daarnaast wordt taakbeleid ter discussie gesteld of overwegen instellingen om de educatie-poot in een bv buiten de cao-bve te plaatsen. Op de achtergrond spelen ook nog de vastgelopen onderhandelingen over een nieuwe cao. Bij Mondriaan Onderwijsgroep is drie weken geleden na onderhandelingen met de bonden afgesproken dat het educatiepersoneel niet in een bv wordt ondergebracht. Werknemers hebben de komende twee jaar een inzetgarantie, blijven binnen de cao-afspraken, inclusief een maximale vijfdaagse werkweek van veertig uur met recht op zestig vakantiedagen. De werkgever kan docenten wel flexibeler inzetten, in de avonduren of op zaterdag, en kan hen voor meer contacturen inroosteren (maximaal 1200 ‘declarabele’ uren, waaronder ook voorbereidingstijd). Mondriaan is het eerste roc dat voor de hele educatiepoot zulke afspraken maakt. Bij andere roc’s is de Mondriaan-overeenkomst met argusogen gevolgd, aldus dagelijks AOb-bestuurder Gerrit Stemerding. “Op andere plekken proberen ze nu het personeel onder druk te zetten, slechtere arbeidsvoorwaarden te accepteren door te zeggen: bij Mondriaan kunnen ze goedkoper werken, dat moeten jullie ook maar. Dat vergroot weer de onrust die er toch al is.” Stemerding: “Wij zijn altijd tegenstander geweest van een open bestel. Nu zie je waar dat open bestel toe leidt: uitholling van arbeidsvoorwaarden. Het is niet goed voor de instellingen, niet goed voor het personeel en niet voor de kwaliteit die de klant vraagt.” Docenten die een overstap naar een freelance bestaan overwegen, dreigen van de regen in de drup te belanden. Rayonbestuurder Noordwest Annemieke Lub waarschuwt: “Dat is helemaal niet zo florissant. Dan kan je via een uitzendbureau onder mindere arbeidsvoorwaarden aan hetzelfde werk worden gezet. En één keer onder de kostprijs werken lijkt verleidelijk, maar daarna heb je een gat. Je moet het niet onderschatten.” Volgens Stemerding zijn richtlijnen voor uurtarieven en kwaliteitsbewaking van belang. Op initiatief van de beroepsvereniging wordt daaraan gewerkt. Beroepsvereniging docenten NT2: www.bvnt2.org {fotobijschriften} NT2-docent Ad Appel: “Ik ben al langere tijd boventallig en er is nog geen vervangend werk. Binnen het schoolgebouw waar ik werk waren in december negen van de zestien mensen boventallig of naar een andere werkplek vertrokken.” Ruth Monas werkt als freelancer voor twee particuliere taalinstituten: “Ik weet van instituten die geen onderwijsbevoegdheid of nascholing vragen. Als je denkt dat je een hbo-niveau hebt, mag je er aan de slag.”
© 2010 | |||||||||||||